(pagina in opbouw)

Achterstand en achterstelling

Onderzoekers bevestigen dat bepaalde groepen niet de gepaste scholing krijgen. Ze kennen een achterstand. Ouders en studenten klagen al eens over discriminatie, racisme of over van achterstelling. Denk verder ook aan jongeren met lichamelijke of psychische beperkingen, wiens ouders het minder breed hebben of die zelf weinig scholing genoten.

Er zijn echter nog andere groepen die ‘minder goed’ geschoold raken, die een achterstand opbouwen en achtergesteld raken. Denk aan jongeren met een herkomst in de migratie of gewoon maar jongens. Die scoren significant zwakker dan meisjes. Verder blijken in alle onderwijstypes (TSO, BSO en ASO) velen schoolmoe. En er zijn nog andere groepen die een achterstand oplopen. Racisme en xenofobie zijn maar een relatief klein maar wel redelijk venijnig deel van het probleem.

Maar wat veroorzaakt de mindere geslaagde scholing van al die groepen? Opvallend is dat in quasi elke groep een groot aantal jongeren wel goed evolueert. Het ligt dus niet alleen aan (on)bewuste discriminatie van de hele groep. Maar wat zijn dan wel de oorzaken? Dat blijkt redelijk complex. Het vraagt nog veel onderzoek, maar ook het mijden van ‘groepsfatalisme’.

Wij geloven dat we, met ‘verenigde krachten’, die achterstelling voelbaar kunnen beperken. De kenmerken van de succesvolle leerlingen en studenten lijken ons daarbij de baken, net zoals openheid, bereidheid en het besef van het potentieel van inclusie – maar ook van de beperkingen ervan.

Een zaak is zeker, het zal inspanningen op lange termijn vereisen.

Wilt u meewerken?

Dat kan via onze denktank ‘Res Cogitans’ en via de Werkgroep Inclusie.